Dit artikel is het tweede artikel in een reeks van drie waarin we VormTaal en het gebruik ervan vanuit verschillende perspectieven verkennen om een dieper begrip te krijgen van complexiteit en samenwerking in complexe systemen.
Auteurs: Anne Kamp en Maarten van der Sanden
In de praktijk van complexe transities komen professionals uit de verschillende organisaties, disciplines en sectoren bij elkaar. We zijn allemaal op zoek naar integrale oplossingen en willen graag co-creëren. Maar hoe doen we dat nu goed? Het vermogen om bestaande kennis los te laten en nieuwe inzichten gezamenlijk op te bouwen is hierbij heel belangrijk. Maar brengt ook veel onwennigheid met zich mee. In dit artikel laten we zien hoe VormTaal bij kan dragen aan samen leren en samen ontwikkelen.

Van multi- en inter- naar transdisciplinair
We kennen allemaal het begrip multi- en interdisciplinair. Bij multidisciplinair werken combineren disciplines hun inzichten naast elkaar. In het geval van interdisciplinaire samenwerking gaat het om de integratie van bestaande kennis en methoden en worden er grenzen tussen disciplines doorbroken. Bij transdisciplinair samenwerken en -leren daarentegen worden niet alleen grenzen tussen disciplines doorbroken maar wordt er vooral ook samen nieuwe kennis en methoden gecreëerd (Pohl et al., 2021). Praktijkkennis mag hierbij ook zeker niet ontbreken. Het lijkt een subtiel verschil, maar dit is cruciaal en maakt transdisciplinair samenwerken in de praktijk ook best lastig. Het vraagt om het loslaten van oude gewoonten, kennis en methoden en het samen betreden van onbekend terrein.
Kort door de bocht kan transdisciplinair leren worden omschreven twee stappen:
- Het opnieuw in kaart brengen en combineren (reconfigureren) van bestaande kennis vanuit de verschillende disciplines en praktijken; én
- Het gezamenlijk ontwikkelen van nieuwe kennis en kunde waar witte vlekken ontstaan.
Deze stappen kunnen onwennig en zelfs ongemakkelijk aanvoelen. Het vraagt om het loslaten van vertrouwde methoden en met een open, leergierige houding samen te werken en te leren. Je beweegt je samen in wat ook wel de tussenruimte (liminal space) wordt genoemd. Het is juist deze ongemakkelijkheid die ruimte bied voor creativiteit. In transdiscplinair leren is de uitspraak ‘staying with the trouble’ dan ook van belang. Maar hoe doe je dat?
Zeven transdisciplinaire denkgewoonten
Samenwerken en tegelijk het gevoel van ongemak omarmen vraagt om een goede dosis lef. Gelukkig kan samenwerking in de tussenruimte ook heel leuk en effectief zijn! Mishra et al. (2011) omschrijft zeven transdisciplinary habits of mind, die belangrijk zijn voor een transdisciplinair leerproces. Door deze mentale gewoontes jezelf aan te leren is het makkelijker, leuker en maar ook uitdagender om te bewegen in de onzekere en ongemakkelijke tussenruimte. VormTaal ondersteunt alle zeven denkgewoonten en spreekt naast je kennis en kunde ook je durf aan om in de onzekere tussenruimte te bewegen. Hieronder lichten we ze kort toe:
- Waarnemen en patroonherkenning: VormTaal helpt gebruikers om hun kennis en ideeën visueel te delen door abstracte vormen te bouwen. De patronen, vormen en afstanden in een compositie maken subtiele relaties en dynamieken zichtbaar van het samenwerken en het samen leren. Dit helpt teams om hun gezamenlijke visie en begrip van het probleem vorm te geven.
- Abstraheren: VormTaal moedigt gebruikers aan om hun concepten en ideeën te vereenvoudigen tot de essentie. Door het gebruik van hele abstracte vormen zonder vaste symbolische betekenis, komen teamleden sneller tot de kern van een probleem en gaat het gesprek sneller over wat wezenlijk is aan de samenwerking. Deze manier van abstraheren helpt om echt los te komen van vooringenomen ideeën en ruimte te maken voor nieuwe inzichten.
- Embodied thinking: VormTaal activeert niet alleen het denken, maar ook het lichaam, door middel van fysieke interactie met vormen en materialen. Het biedt een tastbare, kinesthetische ervaring waarin deelnemers hun ideeën kunnen verkennen. Dit “lichaamsdenken” maakt leren een meer integratieve en intuïtieve ervaring, die helpt om niet alleen cognitieve, maar ook emotionele dimensies van het probleem intenser te betrekken.
- Modelleren, spel en synthese: Door samen te bouwen stelt VormTaal teamleden in staat om met concepten te experimenteren en verschillende scenario’s te onderzoeken. Het is een veilige manier om met ideeën te “spelen” en nieuwe verbindingen te ontdekken, wat kan leiden tot onverwachte inzichten en gezamenlijke kennisopbouw. De combinatie van denken, voelen en spelen in het gebruik van VormTaal bevordert een diepere, geïntegreerde vorm van begrip van complexe problemen.
Benieuwd hoe VormTaal de zeven transdisciplinaire denkgewoonten specifiek ondersteund? Bekijk de poster.

Lezersvragen:
Ben je geprikkeld door dit artikel en wil je een stapje verder zetten? Geef voor jezelf antwoord op deze vragen nadat je het artikel hebt gelezen:
- Herken je het onwennige/ongemakkelijke gevoel als je je met je team in de tussenruimte begeeft? Omschrijf de situatie.
- Hoe ga je daar meestal mee om? Welke transdisciplinaire denkgewoonten (zie poster voor uitleg) helpen jou daarbij?
- Welke transdisciplinaire denkgewoonte zou je jezelf meer willen aanleren?
Leuk als je jouw reactie deelt via LinkedIn.
Referenties:
Mishra, P., Koehler, M. & Henriksen, D. (2011). The seven trans-disciplinary habits of mind: extending the TPACK framework towards twenty-first century learning. Educational Technology, 51(2), p.22-28.
Pohl, C., Thompson Klein, J., Hoffmann, S., Mitchell, C. & Fam, D. (2021). Conceptualising transdisciplinary integration as a multidimensional interactive process, Environmental Science & Policy, 118, p. 18-26.
